Opsomming van een aantal technieken inzake successieplanning - Comopolis

Opsomming van een aantal technieken inzake successieplanning

1.  Testamenten

a) Verdeel en heers testament (divide et impera)

Door de nalatenschap te verdelen onder zoveel mogelijk personen, betaalt men in totaal minder successierechten.

Zo kan men bvb. aan generation skipping doen (=een generatie overslaan) door een testament te maken waarbij de nalatenschap rechtstreeks aan de kleinkinderen wordt toebedeeld.

b) Ik-opa testament (of ik-oma)

Is een testament waarbij de grootouder goederen nalaat aan zijn eigen kinderen, maar onder de voorwaarde dat deze kinderen erkennen een bedrag schuldig te zijn aan hun eigen kinderen (de kleinkinderen).

c) Restlegaat (fideicommissio)

Is een testament waarin men de goederen nalaat aan iemand, met de verplichting om hetgeen overschiet bij het overlijden van die legataris (=de eerste begunstigde(n)), aan nog iemand anders na te laten (=de verwachter(s)).

d) Duo-legaat (legaat vrij van successierechten)

Wordt gebruikt wanneer een gedeelte van de erfenis aan een goed doel wordt gegeven, en een ander gedeelte aan de aan te wijzen erfgenamen. Daarop zijn gunstigere successierechten van toepassing. Men kan gebruik maken van deze gunstigere successierechten door een groter gedeelte aan het goede doel over te maken, onder de verplichting van dat goed doel om daarmee bvb. de successierechten van de andere erfgenamen te betalen.

2. Huwelijkscontracten

a) Verblijvingsbedingen (langstlevende al)

Door zo’n beding in een huwelijkscontract komt meer dan de normale helft van het ontbonden huwelijksvermogen aan de langstlevende toe. Fiscaal wordt dit evenwel toch belast. Vandaag de dag heeft dit nog weinig fiscale voordelen, maar enkel een voordeel dat de langstlevende daardoor niet bang moet zijn dat de andere erfgenamen aanspraak zouden maken op dat gedeelte door bvb. de omzetting van het vruchtgebruik in een geldsom te vorderen.

b) Keuzebedingen

Met een keuzebeding laat men de langstlevende echtgenoot toe een aantal keuzes te maken na het overlijden. De langstlevende kan dan de meest interessante keuze op dat moment nemen uit de opgesomde keuzes, en enkel belast worden op de gemaakte keuze.

c) diverse wijzigingen van, in en tussen huwelijksvermogensstelsels

De fiscale kost van een wijziging van of binnen het huwelijksvermogen is veel kleiner dan bij een successie, zodat dit een interessante fiscale techniek kan zijn. Tip: om latere problemen te vermijden, zorg daarbij wel voor het akkoord van de andere erfgenamen.

3. Handgiften

Het woord zegt het zelf, dit is een techniek waarbij iets wordt afgegeven.

Voorwaarden:

a) het goed wordt kosteloos overgedragen

b) de eigendomsoverdracht kan gebeuren door loutere afgifte van het goed

c) de schenker heeft de wil te schenken, en de begiftigde heeft de wil het goed als schenking te aanvaarden

d) het betreft lichamelijke roerende goederen (juwelen, auto, kunstvoorwerpen, …) of onlichamelijke roerende goederen zoals kasbons, obligaties, aandelen aan toonder, geld,… (Opgelet! Geen aandelen op naam: dit moet via notariële akte)

Belangrijk is hierbij dat men bewijs heeft van en de datum van de overdracht, en van de schenking en van de aanvaarding. Daarbij wordt de techniek van de twee aangetekende brieven gebruikt, of het gebruik van een akte door een buitenlandse notaris .

Voordeel: als de handgift is gebeurd meer dan drie jaar voor het overlijden, moet deze niet worden aangegeven in de successie-aangifte, en wordt deze niet belast.

4. Schenking van roerende goederen

Omdat de fiscus door de techniek van de handgiften veel successierechten misliep, werd een systeem ingevoerd waarbij men roerende goederen kan schenken via notarisakte aan sterk verlaagde tarieven, en dit tot daags voor het overlijden.

5. Patrimoniumvennootschappen

Wanneer  men een vennootschap opricht, en de goederen daarin inbrengt, dan creeert men een aparte rechtspersoon. Dat betekent dat bij overlijden van een aandeelhouder, enkel de aandelen in de nalatenschap vallen, en niet de goederen zelf. Stel dat de vennootschap verlieslatend is, dan kan de prijs van die aandelen zeer gunstig worden gewaardeerd.

6.(Levens) verzekeringen en spaarproducten

Er zijn meerdere constructies mogelijk via de techniek van verzekeringen en bepaalde spaarproducten.

7. Schenkingen / aankopen van naakte eigendom met voorbehoud van vruchtgebruik

Voor het verschil tussen naakte eigendom en vruchtgebruik, zie de categorie vruchtgebruik.

In welbepaalde omstandigheden kan zoiets ook fiscaal interessant zijn.

8.Tontinebeding en beding van aanwas

Zijn clausules en technieken die vooral van belang zijn tussen samenwonende en niet gehuwde partners, of tussen echtgenoten die met scheiding van goederen gehuwd zijn en toch iets samen verwerven. (zie ook onder de trefwoorden tontine en beding van aanwas in de verklarende woordenlijst)

9.Techniek van de driejaarlijkse schenkingen van onroerend goed

Een schenking van onroerend goed is fiscaal interessanter dan een erfenis van een onroerend goed (uitgezonderd de gezinswoning).

De schenkingsrechten (registratierechten) zijn progressief. Dit betekent: hoe hoger de waarde van het geschonken onroerend goed, hoe meer te betalen aan de fiscus.

Als je twee of meer onroerende goederen schenkt binnen de drie jaar, worden voor de heffing van de rechten de bedragen samengeteld, zodat je in een hogere schijf terecht komt.
Elke drie jaar wordt de teller echter terug op nul gezet. Dit betekent dat je om de drie jaar aan het meest gunstige tarief kunt schenken.

10.   Overdracht van familiale ondernemingen

Onder een aantal voorwaarden zijn er hierop geen successierechten verschuldigd. Voor meer details neem je best contact op.

11.   Mindervalide en zorgbehoevende kinderen

Kunnen genieten van een aantal vrijstellingen en verminderingen. Bij mentaal gehandicapte kinderen is dikwijls een oplossing op maat mogelijk om in hun verdere zorg te voorzien ook na het overlijden.

12.   Gebruik van VZW’s en stichtingen

Als het gaat om grote nalatenschappen, dan zijn een aantal constructies mogelijk door inbrengen in of schenkingen aan stichtingen of VZW’s. Die betalen daarvoor een jaarlijkse (kleine) taks ter vervanging van de successierechten