Hoeveel successierechten moeten er betaald worden? - Comopolis

Hoeveel successierechten moeten er betaald worden?

Het bedrag van de successierechten wordt berekend als een percentage van de waarde van de nalatenschap.
 Het tarief dat van toepassing is op de dag van het overlijden is het tarief dat zal worden toegepast.
Eventuele wijzigingen van het tarief tussen de dag van het overlijden en de aangifte zullen dus geen invloed hebben op dit bedrag.

Het tarief van de successierechten dat je moet betalen als je iets erft, is verschillend naargelang het gewest waar de fiscale woonplaats (dit is waar de overledene werkelijk leefde en woonde) was van de overledene.
Er moet dus in eerste instantie gekeken worden in welk gewest (het Vlaams Gewest, het Waals Gewest of het Brussels hoofdstedelijk Gewest) de overleden persoon woonde.

Om te weten hoeveel successierechten je zal moeten betalen op hetgeen je erft, moet je vervolgens kijken naar de verwantschap die je hebt ten opzichte van de overleden persoon.
Als je erft van je vader of moeder zijn er andere tarieven van toepassing dan als je erft van bijvoorbeeld je oom of tante.

Tabel 1 : Successierechten in het VLAAMS GEWEST

1. Als je erft van je ouders, grootouders, kinderen, kleinkinderen (MAAR ook van je stiefouder en stiefkind…), van je echtgenoot en van een samenwonende persoon
 
 


Het tarief, dat in procent is uitgedrukt, vermeld in de tweede kolom moet worden toegepast per persoon die iets erft.

Het wordt berekend op het netto-aandeel van de roerende goederen en op het netto-aandeel van de onroerende goederen, en dit volgens de schijven vermeld in de eerste kolom.
Het opsplitsen van de nalatenschap in onroerende en roerende goederen zorgt ervoor dat je als erfgenaam 2 maal kan genieten van de laagste schijf van successierechten.

In het Vlaams Gewest wordt met samenwonende persoon bedoeld :

  1. de persoon die wettelijk samenwoont. (dit zijn de personen die schriftelijk een verklaring hebben afgelegd bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeenschappelijke woonplaats).
  2. de persoon die op de dag van het overlijden van de erflater, er mee samenwoonde en er een gemeenschappelijke huishouding mee had.